Breng de spanning in je verhaal. Waar zat de wrijving?
Inhoud van de les
Tot nu toe heb je je moment gekozen en beeldend uitgewerkt.
Maar een verhaal zonder wrijving, blijft vlak en dus ook saai.
De spanning in een verhaal zit niet in het resultaat ,maar in wat er misging, botste of pijn deed.
In deze video ontdek je:
- Waarom die worsteling je verhaal tot leven brengt.
- Hoe je interne én externe frictie herkenbaar maakt.
- En hoe ongemak je verhaal juist kracht geeft.
Dit hoofdstuk laat je zien hoe je spanning opbouwt zonder te overdrijven, maar door te laten zien wat er op het spel stond.
Opdracht – Beschrijf je worsteling
Werk je gekozen moment verder uit met de nadruk op frictie en wrijving.
Gebruik deze twee invalshoeken:
Intern: Wat dacht je? Waar twijfelde je aan? Welke overtuigingen zaten in de weg? Wat voelde je?
Denk bijvoorbeeld aan:
- Twijfel: “Kan ik dit wel?”
- Angst: “Wat als ik faal?”
- Schaamte: “Als ze dit zien, denken ze dat ik het niet waard ben.”
- Druk die je jezelf oplegt: “Ik moet dit alleen oplossen.”
Extern: Wat gebeurde er om je heen? Welke reacties, situaties of mensen maakten het lastig?
Denk hierbij aan:
- Harde omstandigheden: tijdsdruk, een volle inbox of krappe deadline
- Druk van boven: een leidinggevende die zeurde of klanten die pushen
- Onbegrip uit je omgeving: collega’s die geen idee hadden waar jij mee worstelde
- Regels, structuren of beperkingen waar je tegenaan liep
📌 Tip: wees niet te braaf.
Juist in de rommel, de twijfel en het ongemak zit je verbinding met de ander.